Infinitieven na voorzetsels

B1

Infinitieven na voorzetsels in het Spaans

In het Spaans volgt op een (voor)zetsel meestal de infinitief — de onbepaalde vorm van het werkwoord (bijv. hablar, comer, vivir). Dat betekent dat je na woorden als sin, para, antes de, después de, al, hasta enz. de basisvorm gebruikt, niet een vervoegd werkwoord.

Wat betekent dit precies?

Kernidee
De infinitief (el infinitivo) is in het Spaans de vorm die vaak volgt op een voorzetsel. In praktijk werkt de infinitief als een zelfstandig werkwoord (zoals een zelfstandig naamwoord): hij verandert niet naar persoon of tijd als hij na een voorzetsel staat.

Voorbeelden (Spaans — Nederlands):
- "Sin decir nada, se fue." (Zonder iets te zeggen, ging hij weg.)
- "Antes de salir, apagué la luz." (Voordat ik vertrok, deed ik het licht uit.)
- "Estudio para aprobar el examen." (Ik studeer om voor het examen te slagen.)

Let op: in het Engels staat na een voorzetsel meestal een gerund (‑ing): "without saying" → Spaans: "sin decir". In het Nederlands gebruik je vaak "te + infinitief": "zonder te zeggen" → Spaans: "sin decir".

Wanneer gebruik je een infinitief na een voorzetsel?

Algemene regel — hetzelfde onderwerp
Gebruik de infinitief als het onderwerp van de hoofdzin en de actie van de infinitief dezelfde persoon zijn.

- "Antes de ir al trabajo, desayuné." (Voordat ik naar het werk ging, ontbeet ik.) — onderwerp in beide delen = ik.
- "Se fue sin decir adiós." (Hij vertrok zonder afscheid te nemen.) — dezelfde persoon.

Wanneer kies je voor 'que' + subjuntivo in plaats van de infinitief?
Als het onderwerp verandert tussen de twee zinnen, gebruik je meestal een voegwoord (vaak 'que') + de subjuntivo.

- Zelfde onderwerp: "Salí temprano para llegar a tiempo." (Ik ging vroeg weg om op tijd te zijn.) — para + infinitief.
- Verschillend onderwerp: "Salí temprano para que tú llegases a tiempo." (Ik ging vroeg weg zodat jij op tijd zou aankomen.) — para que + subjuntivo.

Andere veelvoorkomende gevallen met subjuntivo:
- "Antes de que llegues, llamaré." (Voordat jij komt, zal ik bellen.) — "antes de que" + subjuntivo, onderwerp verschilt of toekomst/onzekerheid.
- "Se fue sin que nadie lo supiera." (Hij ging weg zonder dat iemand het wist.) — "sin que" + subjuntivo.

Hoe wordt de infinitief gevormd en gebruikt?

Basisvormen (-ar, -er, -ir) en samengestelde infinitief
De Spaanse infinitief heeft drie uitgangstypen: -ar (hablar), -er (comer), -ir (vivir).

Je kunt ook een 'perfecte' infinitief maken met haber + participio om aan te geven dat de actie vóór een andere actie plaatsvond:
- "Después de haber comido, salimos." (Nadat we gegeten hadden, vertrokken we.)
- "Me arrepiento de no haber estudiado más." (Ik heb spijt dat ik niet meer gestudeerd heb.)

Voornaamwoorden bij de infinitief
Voornaamwoorden (clíticos) kunnen aan een infinitief vastgeplakt worden:
  • "Antes de decirlo, pensé mucho." of: "Antes de decírtelo, pensé mucho." (Voordat ik het zei, heb ik lang nagedacht.)
Je kunt het voornaamwoord ook vóór het vervoegde hulpwerkwoord zetten: "Te lo voy a decir." = "Voy a decírtelo." Beide zijn correct.

Veelvoorkomende voorzetsels en voorbeeldzinnen

Voorbeelden per voorzetsel (Spaans — Nederlands)

Antes de / Después de
- "Antes de salir, cerré la puerta." (Voordat ik vertrok, deed ik de deur dicht.)
- "Después de trabajar, fui al gimnasio." (Na het werken ging ik naar de sportschool.)
- Opmerking: als onderwerp verandert → "Antes de que llegues, llamaré." (subjuntivo)

Sin
- "Se fue sin decir adiós." (Hij ging weg zonder afscheid te nemen.)
- Wanneer onderwerp verandert: "Se fue sin que nadie lo viera." (Hij ging weg zonder dat iemand het zag.) → sin que + subjuntivo

Para
- "Trabajo para ganar dinero." (Ik werk om geld te verdienen.)
- "Estudia para aprobar." (Hij studeert om te slagen.)
- Als onderwerp verandert: "Te lo digo para que lo entiendas." (Ik zeg het je zodat jij het begrijpt.) → para que + subjuntivo

Por
- "Por no estudiar, suspendió el examen." (Omdat hij niet studeerde, zakte hij voor het examen.)
- "Lo hizo por ayudar a su familia." (Hij deed het om zijn gezin te helpen.)
(‘Por’ toont vaak reden of oorzaak wanneer er geen onderwerpwisseling is.)

Al + infinitivo
- "Al entrar en la sala, todos aplaudieron." (Toen we de zaal binnenkwamen, applaudisseerden allen.)
- Betekenis: bij/tijdens/terwijl iets gebeurt; impliciet hetzelfde onderwerp.

Ir a + infinitivo (nabije toekomst)
- "Voy a estudiar esta noche." (Ik ga vanavond studeren.)
- Let op: hier is 'a' onderdeel van de perifrastische toekomende tijd (ir a + infinitief).

Hasta
- "No paró hasta terminar el trabajo." (Hij stopte niet totdat hij het werk af had.)
- Als onderwerp verschilt: "No salgas hasta que yo vuelva." (Ga niet weg totdat ik terugkom.) → hasta que + subjuntivo/indicativo afhankelijk van tijd

De (na bepaalde werkwoorden of bijvoeglijke naamwoorden)
- "Acabo de llegar." (Ik ben net aangekomen.) — 'acabar de' + infinitief = net iets hebben gedaan
- "Estoy cansado de esperar." (Ik ben moe van het wachten.) — bijvoeglijk naamwoord + de + infinitief

Con (vaste uitdrukkingen)
- "Con solo mirar la foto, recordé todo." (Alleen al door naar de foto te kijken, herinnerde ik me alles.)
Sommige vaste of literaire constructies gebruiken 'con' + infinitief.

Samenvatting van voorbeelden (meer korte zinnen)

  • "Antes de comer, lávate las manos." (Voordat je eet, was je je handen.)
  • "Sin pensarlo, aceptó." (Zonder erover na te denken, accepteerde hij.)
  • "Para aprender, practica a diario." (Om te leren, oefen dagelijks.)
  • "Al ver la noticia, me sorprendí." (Bij het zien van het nieuws was ik verbaasd.)
  • "Voy a llamar ahora." (Ik ga nu bellen.)
  • "No me fui hasta terminar." (Ik ging niet weg totdat ik klaar was.)

Werkwoorden die een voorzetsel vereisen voordat een infinitief volgt

Veelvoorkomende combinaties (werkwoord + voorzetsel + infinitief)
Sommige Spaanse werkwoorden verbinden met een specifiek voorzetsel als er een infinitief volgt. Hier een nuttige lijst met voorbeelden:

- aprender a: "Aprendí a nadar cuando era niño." (Ik leerde zwemmen toen ik kind was.)
- empezar / comenzar a: "Empezó a llover." (Het begon te regenen.)
- volver a: "Volvió a intentarlo." (Hij probeerde het opnieuw.)
- ayudar a: "Te ayudaré a preparar la cena." (Ik zal je helpen het avondeten klaar te maken.)
- negarse a: "Se negó a firmar." (Hij weigerde te tekenen.)
- dejar de: "Dejé de fumar." (Ik ben gestopt met roken.)
- acabar de: "Acabo de recibir tu mensaje." (Ik heb net je bericht ontvangen.)
- tratar de: "Trató de abrir la puerta." (Hij probeerde de deur te openen.)
- olvidarse de: "Me olvidé de llamarla." (Ik vergat haar te bellen.)
- soñar con: "Sueño con viajar por el mundo." (Ik droom ervan de wereld rond te reizen.)
- insistir en: "Insistieron en pagar la cuenta." (Zij stonden erop de rekening te betalen.)
- consistir en: "El trabajo consiste en ordenar los archivos." (Het werk bestaat uit het ordenen van de bestanden.)

Let op: sommige werkwoorden kunnen verschillen tussen Spaans en Nederlands/Engels — leer ze per werkwoord (aprender a, dejar de, insistir en, etc.).

Veelgemaakte fouten en hoe ze te vermijden

1) Verwisselen van infinitief en subjuntivo
  • Fout: "Estudio para que aprobar el examen." (onjuist)
  • Correct: "Estudio para aprobar el examen." (same subject)
  • Als doel betrekking heeft op een andere persoon: "Estudio para que tú apruebes el examen." (para que + subjuntivo)
2) 'Sin' versus 'sin que'
  • Zelfde onderwerp: "Se fue sin avisar." (Hij ging weg zonder het te zeggen.)
  • Anders onderwerp: "Se fue sin que nadie lo supiera." (Hij ging weg zonder dat iemand het wist.) → 'sin que' + subjunctivo
3) Engelse gewoonte: gerund (‑ing) vs Spaanse infinitief
  • Engels: "Before leaving, I called him." — correct Spaans: "Antes de salir, lo llamé." (niet: *antes de leaving)
  • Nederlands: "zonder te zeggen" → Spaans: "sin decir" (let op dat het Nederlandse "te" niet wordt vertaald naar Spaans!)
4) Verkeerd voorzetsel bij bepaalde werkwoorden
  • Fout: *"Insistir a hacer" — Correct: "Insistir en hacer algo." (Insistir en)
  • Fout: *"Olvidé llamar" kan correct zijn; maar als je zegt "Me olvidé ___ llamar" moet je "de": "Me olvidé de llamar." (Meestal: olvidarse de)

Vergelijking met Nederlands en Engels (handig om fouten te voorkomen)

- Nederlands: "Zonder iets te zeggen" → Spaans: "Sin decir nada." (Nederlands gebruikt "te + infinitief"; Spaans laat dat "te" weg.)
- Engels: "Without saying anything" → Spaans: "Sin decir nada." (Engels gebruikt gerund, Spaans infinitief.)

Enkele vergelijkende voorbeelden:
- Spaans: "Antes de comer, lavate las manos." — Engels: "Before eating, wash your hands." — Nederlands: "Was je handen voordat je eet / voor het eten."
- Spaans: "Voy a estudiar." — Engels: "I am going to study." — Nederlands: "Ik ga studeren." (ir a + infinitief ≈ gaan + infinitief)

Korte begrippenlijst (glossario)</b]

Infinitivo / infinitief
De onbepaalde vorm van het werkwoord (hablar, comer, vivir).
Preposición / voorzetsel
Een woord dat de relatie tussen twee delen van de zin aangeeft (sin, para, por, antes de, después de, al, hasta...).
Subjuntivo / aanvoegende wijs
Een verbuiging die vaak volgt op voegwoorden als para que, antes de que, sin que wanneer er een verandering van onderwerp of onzekerheid is.
Infinitivo compuesto / samengestelde infinitief
Haber + participio (p. ej. haber comido) om een voltooide actie uit te drukken na een voorzetsel.

Kort overzicht: wat moet je onthouden?</b]

- Na een voorzetsel gebruik je in het Spaans meestal de infinitief (sin, para, antes de, después de, al, hasta, etc.).
- Gebruik infinitief als onderwerp hetzelfde is; gebruik 'que' + subjuntivo als het onderwerp verandert of als er onzekerheid/toekomst is.
- Veel werkwoorden vereisen een specifiek voorzetsel vóór het infinitief (aprender a, dejar de, insistir en, etc.) — leer die combinaties.
- Nederlands gebruikt vaak "te + infinitief" en Engels vaak gerunds (‑ing); vertaal die vormen naar Spaans meestal met de bare infinitive.

Als je wilt, kan ik een overzicht maken met alleen voorbeeldzinnen (Spaans → Nederlands) of een kort lijstje van werkwoorden + voorzetsel die je het vaakst tegenkomt.

Subscribe for evidence based language learning insights.

Lingua Fortis
Copyright © 2025 Lingua Fortis | Made in New York